Ik dacht aan vroeger wanneer een van ons ziek was en de ander ook in bed kroop, in de koortshitte die de patiënt verspreidde en het hete voorhoofd van de ander drukte, de voeten over de koude voeten van de zieke legde en de mond tegen diens oor om het met de lippen te strelen, zachtjes mompelend, kan ik soms iets voor je doen.
In Als jij goud zegt, is het goud confronteert de Duitse schrijfster Annette Pehnt ons met een vrouw wier man Jo, zijn werk heeft verloren. Het begon voor hem allemaal mank te lopen toen er een nieuwe baas kwam.
Het was een vrouw, die hem om een of andere reden niet kon uitstaan en hem kost wat kost het bedrijf uit wilde. Zij wint, hij delft het onderspit. Wat er juist gebeurd is, hoe de spanningen zijn ontstaan en wie er de schuld aan heeft, laat de auteur er volledig buiten.
De jaren van pesterijen hebben Jo en zijn gezin getekend. Niet alleen is Jo zijn zelfvertrouwen kwijt ook zijn gezondheid en de mentale toestand van zijn vrouw lijdt eronder. Jo was al geen vlotte prater en dat blijkt door zijn ontslag alleen maar erger te worden.
De vrouw van Jo, moeder van de kleine Mona en de baby, probeert optimistisch te blijven maar als alles begint tegen te zitten is dat echt niet gemakkelijk.
Van al de plannnen die Jo maakt komt niets in huis omdat hij er de fut niet voor heeft. Ook in hun huwelijksleven is deze tendens te voelen.
Het koppel vecht terug en het haalt zijn juridische slag uiteindelijk thuis, maar of hiermee alles opgelost is, dat is een andere vraag.
Annette Pehnt heeft een eendere situatie meegemaakt met haar man. Ze kent deze wereld dus. Het is een heel strak geschreven verhaal waarin de auteur enkel de hoognodige feiten prijsgeeft. Zo bouwt ze een nogal onderkoelde sfeer op. Normaal ben ik van deze methode niet zo wild, maar hier werkt het wel.
De poëtische titel Als jij goud zegt, is het goud krijgt door de inhoud wel een wrange bijsmaak.
Sterk maar somber.