Zarcko Vandegeneugten is de ster van de Wereldbeker in 2034! Maar niemand ziet het, want zijn briljante, Vlaamse team speelt zo goed dat geen bal tot bij zijn doel geraakt. Het is het hilarische, trieste en Vlaamse verhaal van een jongeman die zich wil laten gelden en een oplossing voor zijn verveling vindt. Het speelt zich af in het angstwekkend verrechtste Vlaanderen in de jaren ‘30 van de 21ste eeuw.
Een Aalstenaar op weg naar
Zwankendamme, dat is een reis
van het begin naar het einde
van het alfabet, een rit over
elke keerkring van mijn mooie
moedertaal.
Reizen, duivenmelken, pisterijden, kaatsen of
tweelingen werpen: geen sport
is te groots voor Dimitri Verhulst. Zonder pardon rijgt hij
ze aan zijn pen, net als de talloze andere oervlaamse thema’s
waarover hij zijn licht laat
schijnen. Dinsdagland -’It’s
Tuesday, this must be Belgium’, vandaar- bundelt zijn
beste reportages over de kleine
Belg. Van Nonkel Potrel tot
Etienne Dewilde.
Verhulst
schildert mooie miniaturen
van het (bedreigde) leven onder
de kerktoren, op het marktplein en in het dorpscafé, in
een Vlaams zo kleurrijk dat
zelfs Herman Decroo er jaloers
mag op zijn. Altijd grappig,
vaak hilarisch, maar steeds vanuit het perspectief van de zelf-
relativerende deelnemer. Geen
neerbuigende elitaire dweperij
met de liefhebberijen des volks,
wel de doorleefde en betrokken
verwondering van een rasechte
volksschrijver.
Na het in 2003 verschenen Problemski Hotel woelt rasverteller Dimitri "Dimmetrieken" Verhulst met zijn laatste boek De helaasheid der dingen de met alcohol doordrenkte grond van zijn eigen jeugd om. Zo pijnlijk dat het soms hilarisch is, zo hilarisch dat het soms pijnlijk wordt. Verhulst trok als 13-jarige zelf aan de alarmbel bij Bijzondere Jeugdzorg en werd later in een pleeggezin geplaatst. Hij etaleert in dit boek zijn voorliefde voor klankrijke woorden, in het verlengde van zijn taalstukken in De Morgen.
De helaasheid der dingen is een sappig vertelsel dat helaas waar is. Op het einde van het boek slaat de auteur een confronterend mea culpa over zijn eigen onvermogen een goede vader te zijn voor zijn ongewenst kind. Hard, maar eerlijk.
Problemski hotel is een boek met kortverhalen over mensen die in een asielcentrum leven. Er zitten heel ontroerende, grappige en droevige verhalen tussen. Telkens overgoten met wat ironie, zodat het wat lichtvoetiger is want het is een zeer zware en trieste materie.
Er zitten leuke anecdotes tussen, maar ook verhalen over het verleden, over de samenlevingsproblemen, over racisme van Vlamingen maar ook over onverschilligheid en hardheid onderling.
Het boek begint en eindigt met de angekondigde dood van mevrouw Verona, die de heuvel afdaalt waarop haar huis staat. Het boek neemt uitgebreid de tijd om te vertellen hoe zij daar met haar man komen wonen is en hoe haar man gestorven is. De man kapte net voor hij stierf een half bos om z’n vrouw hout te verschaffen voor de
open haard. Nadat mevrouw Verona het laatste houtblokje op het vuur heeft gegooid, besluit zij te sterven door de heuvel af te dalen met haar trouwe hond en te wachten tot de sneeuw haar bevriest.
O, wat een triest verhaal, romantisch ook. Nu wil het toeval dat ik honden haat. Honden staan centraal in dit verhaal omdat die rotbeesten het koppel aanklampen als drenkelingen een reddingsboei. Ik haat ook de gekunstelde manier van schrijven van Verhulst. Het is een flets afkooksel van de bevlogen shrijfstijl van Pjeeroo Rjoobjee vermits de adjectieven minder bloemrijk en de beschrijvingen minder bevlogen zijn. Voor alles is dit boek een stijloefening van de schrijver. Verhulst zegt zelf over dit boek: ‘ik heb de ultieme stationsroman geschreven en m’n vriendin heeft het drie keer gelezen en het ontroerde haar elke keer opnieuw’ (Zone 03). Maar ok, laat ik toegeven dat ook mijn vriendin zich door dit boek aangesproken voelt. Echte mannen zullen zich echter door deze lectuur diep ontgoocheld voelen na het stoere en tegelijk ontroerende verhaal van De Helaasheid der Dingen. Een vrouw, een hond, een dorp, de dood en een bos: ga toch weg...