De leeswereld van Magaly Rodriguez Garcia

'Lezen is denken met andermans hoofd', zei Schopenhauer. Maar wat zoeken we in dat andere hoofd? Is het rust, verstrooiing, kennis? Dit is Leeswereld, een interviewreeks over de rol van lezen, over schoonheid, over taal. Deze aflevering: Magaly Rodriguez Garcia, historicus aan de KU Leuven.

door Matthias M.R. Declercq
© Michiel Devijver | Iedereen Leest

'Voor ieder boek, voor ieder verhaal, is er een geschikte plaats en een geschikt moment', zegt Magaly. En een geschikt decor. Historicus Magaly Rodriguez Garcia woont in Molenbeek, verscholen in een appartementsgebouw dat helemaal aan het zicht is onttrokken. Je passeert drie deuren, twee parlofoons, trappen, een passerelle en een lift, om dan vijf hoog uit te stappen in een wereld zonder ruis, alsof je de boomgrens bent gepasseerd en alles helder wordt. 'Uitermate geschikt om te lezen', lacht ze.
De woonkamer in Molenbeek legt haar leeswereld al snel bloot. Links staan de sport- en kinderboeken van haar zoontje keurig gestapeld in een lage kast. Rechts is de hele wand ingepalmd door een donkerkleurige bibliotheek, met onderaan de strips van haar man, daarboven een grote collectie romans 'en elders in huis vind je alle academische en dus non-fictielectuur.'

Bronnen

“Het weekend is voorbehouden aan de zetel waarin ik nu zit, en staat voor diepe lectuur, soms voor het werk, soms niet. Voor het slapen gaan is zachtere lectuur aan de beurt. Op het nachttafeltje vind je vooral romans.”

Magaly Rodríguez García is docent aan de KU Leuven, gespecialiseerd in moderne geschiedenis, en verricht diepgaand onderzoek naar gemarginaliseerde vormen van arbeid, zoals prostitutie. Haar job als historicus hangt vast aan archiefmateriaal en boeken: het zijn de enige goed bewaarde bronnen die het verleden met mondjesmaat prijs geven. 'Misschien heb ik daarom geschiedenis gestudeerd', zegt ze. 'Omdat ik zo graag lees.' En liefst op een geschikte plaats en op een geschikt moment.

'De dag begint aan de keukentafel. Iedere ochtend staat in het teken van de actualiteit, dan trek ik de informatie naar binnen en lees kranten- en magazines. Op de treinrit naar Leuven begint de werkdag met artikels uit vaktijdschriften of studentenpapers. Het weekend is voorbehouden aan de zetel waarin ik nu zit, en staat voor diepe lectuur, soms voor het werk, soms niet. Nietzsche bijvoorbeeld, of het laatste boek van historicus Christopher Bayly. Voor het slapen gaan is zachtere lectuur aan de beurt. Op het nachttafeltje vind je vooral romans.’ 

Ambato

'Boeken zijn een vanzelfsprekendheid in mijn leven, en waren dat als kind ook al. Ik ben opgegroeid in Ambato, een stad in het hart van Ecuador, in een huis met eindeloze boekenkasten. Wijlen mijn vader was een marxist die steeds verder opschoof richting anarchisme. Hij zette zich af tegen het consumentisme, maar weigerde in te boeten op boeken. Idem voor mijn moeder. Vader was leerkracht geschiedenis en aardrijkskunde, en was ook politiek geëngageerd. Moeder had een hoge post in het Ecuadoriaanse onderwijsbestel, en allebei kochten ze aan de lopende band boeken. Hoe duur de hele collectie van de gebroeders Grimm ook was, hoe prijzig die nieuwe encyclopedie: de bibliotheek groeide zienderogen aan. Als jongste van vijf was dat een zegen.'

Vluchten

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Begin jaren zeventig, net bij de geboorte van Magaly, werd die bibliotheek wel gedecimeerd. Het linkse gedachtegoed van vader strookte niet met het toenmalige, dictatoriale bewind. Ook moeder voelde zich opgejaagd wild, vluchtte naar haar ouders en kreeg huisarrest opgelegd. Uit schrik voor represailles verbrandde vader zijn marxistische literatuur. Wat doet denken aan het bekende citaat van Heinrich Heine: 'wo man Bücher verbrennt, verbrennt man auch am Ende Menschen.'

'Toen duidelijk werd dat het communisme noch in Rusland, noch in Cuba, noch in China succesvol werd geïmplementeerd, kantelde het gedachtegoed van vader richting het anarchisme. Hij bleef zich verzetten tegen het Ecuadoriaanse beleid en ontwikkelde op zijn eentje een financieringssysteem voor de inheemse bevolking. Aangezien zij geen toegang hadden tot bankkaarten reikte vader hen microkredieten aan. Zo konden ze een televisie kopen op pakweg vijf jaar tijd. 's Weekends ging ik mee met vader. In rurale gebieden haalde hij het geld op en ik zag de kloof met de wereld waarin ik opgroeide: de bibliotheek thuis, de dienstmeisjes, de hoge sociale klasse van vader en moeder, de luxe. Die tegenstrijdigheden waren zodanig groot dat Ecuador me niet meer paste. Mijn moeder was behoorlijk feministisch ingesteld, en ik bewonder haar manier van leven nog altijd, maar 'lachen en mooi zijn', zoals De Mens dat ooit zo treffend bezong, dàt moest je als vrouw in Ecuador. Lachen en mooi zijn. En die verontwaardiging dreef me naar het buitenland.'

'Op mijn veertiende besliste ik om het land te verlaten, de ongelijkheid was gewoon té groot, om op mijn achttiende effectief te vertrekken. Naar Towanda  godbetert, een dorp in Pennsylvania. Daar kwam ik via de Rotary terecht, en daar is het dat mijn volwassen leeswereld echt aanving. Om dan via New York en Los Angeles in België aan te komen. Voor korte tijd, was het plan. Ik woon hier intussen 25 jaar (lacht).'

Kaviaar

“Al de boeken om me heen hebben me gevormd, me gemaakt tot wie ik nu ben. Of dat nu fictie, non-fictie of een academische paper is. Ik moet alleen opletten dat de boel hier niet instort onder het gewicht (lacht).”

'Ik heb me nooit aangetrokken gevoeld tot sciencefiction, maar wel tot het vreemde, dat wat een diepere laag aanboort. Het magisch realisme van Gabriel García Márquez bijvoorbeeld, of de boeken van Franz Kafka en Thomas Mann. Ook wat zich aan de rand van de maatschappij afspeelt trekt mij aan. Vandaar ook mijn interesse in arbeid die we niet voor vol aanzien, zoals prostitutie. Die werken zijn zo diepgaand, dat ik de leestijd tot het uiterste oprek. Bewust traag lezen om alles te savoureren. Tristan van Thomas Mann of Season of Migration to the North van Tayeb Salih zijn als een lepeltje kaviaar, dat mag je niet als een hamburger naar binnen schrokken. Het nadeel van veel lezen is dat je nieuw werk afmeet tegen dat van de grote meesters. Dat is niet altijd eerlijk. Grand Hotel Europa van Ilja Leonard Pfeijffer is een goed boek, maar het is niet tijdloos. Wat me evenwel niet heeft belet van het boek te genieten.'

'Al wat je hier ziet aan boeken is verzameld sinds mijn vertrek uit Ecuador. Op een paar exemplaren na. Toen mijn vader stierf heb ik een aantal boeken terug meegebracht naar België. Waaronder het werk van Julio Cortázar en Carlos Fuentes. Al de boeken om me heen hebben me gevormd, me gemaakt tot wie ik nu ben. Of dat nu fictie, non-fictie of een academische paper is. Ik moet alleen opletten dat de boel hier niet instort onder het gewicht (lacht).

Dagboek

Als boeken het verleden ontsluiten, dan verwacht je dat het voor historici later makkelijk(er) zal zijn om het heden, de tijd waarin wij nu leven, beter te begrijpen en te ontleden. Alles wordt gedocumenteerd, lijkt het. De hoeveelheid geschreven bronnen wordt aangevuld door een stroom aan audiovisueel materiaal. 'Mààr’, zegt Magaly, 'net in die stroom verliezen we het overzicht. Er is te veel data, en die éne bron die zo waardevol is geweest voor de geschiedenis, verdwijnt: het dagboek. Het boek van ons allemaal. Het boek waarin we het dagelijks leven beschrijven. Wat we voelen, wat we denken, wat we al dan niet (durven te) doen. Wie heeft nog een dagboek? Ik kan het iedereen aanraden. Je doet er jezelf en de samenleving een groot plezier mee.'



Deel dit artikel: