De leeswereld van Wouter Deprez

Cabaretier Wouter Deprez gebruikt lezen als springplank naar andere werelden, van fictie tot non-fictie, van poëzie tot Tsjechische meesterwerken. Taal is een speeltuin en een wapen tegelijk: ‘Ik wil boeken lezen die het hoogstpersoonlijke overstijgen en vanuit het kleine tegelijk iets zeggen over ons allemaal.’

© Michiel Devijver en Iedereen Leest
© Michiel Devijver en Iedereen Leest

Was zijn leven een film, dan deed de volgende scène denken aan Dead Poets Society: Wouter Deprez die midden jaren negentig met vrienden de trap opstapt naar de bovenste verdieping van Home Astrid, een studentenflat van de Universiteit Gent. Ze nemen plaats op het dakterras, het solarium, en hebben een paar flessen wijn en vooral veel boeken onder de arm, om daar, uitkijkend over de stad, het leven te vieren en teksten te declameren. ‘Al raakte ik op zo’n avond snel teleurgesteld’, lacht Wouter, ‘terwijl ik dus vooral teksten wilden bespreken, praatten vrienden al gauw over gedoe met hun lief. Ik was meer voor de serieuze aanpak.’

Dat zegt hij nu, dertig jaar later, in de kleedkamer van een West-Vlaams cultuurcentrum, een paar uur voor aanvang van zijn nieuwe zaalshow. Het woord is zijn wapen en is dat altijd geweest. Wouter Deprez is cabaretier, radiomaker en schrijft ook boeken. Misschien zitten er drie decennia na zijn tijd in Home Astrid, nu ook studenten op dat dak die reiken naar de hemel. Misschien lezen ze voor uit Speech, of uit Bloemen, bijen en borstbollen.

Doktersadvies

“Ik ging niet naar de les als student en spaarde geld om in de Slegte boeken in te slaan en een eigen bibliotheekje aan te leggen. Lezen was een manier om de wereld op te rekken, om in een andere werkelijkheid rond te dwalen.”

‘In mijn studententijd heb ik ontzettend veel gelezen’, zegt Wouter, die een plastic zak bovenhaalt met een daarin een grote stapel boeken: Hans Dorrestijn, David Sedaris, Stefan Zweig, Georges Perec, Raymond Queneau, Wisława Szymborska … ‘Ik wilde naar de kunstschool, maar dat leek het PMS geen goede keuze. Het is mijn huisarts die me op weg hielp: “Kies voor Pol & Soc”, zei die. ‘Dan heb je veel tijd om toneel te spelen en boeken te lezen.’ Hij lacht. ‘Dat was nog waar ook. Ik ging niet naar de les en spaarde geld om in de Slegte boeken in te slaan en een eigen bibliotheekje aan te leggen. Lezen was een manier om de wereld op te rekken, om in een andere werkelijkheid rond te dwalen. Tegelijk was het wellicht een pose om kunstzinnig bevonden te worden. Wat ik toen allemaal las? Haast uitsluitend fictie. Ik was nog niet helemaal ontwikkeld en las veel verschillende soorten boeken. Veel theaterteksten, veel poëzie en heel veel kortverhalen. Dat was op maat van mijn aandachtsspanne. Ik kon wel dikke romans lezen, maar vaak vergat ik namen van hoofdpersonages of kon ik me niet goed meer oriënteren in een verhaal. Kortverhalen waren het ideale genre. Die van Julio Cortazar bijvoorbeeld, of Franz Kafka, Raymond Carver en Dino Buzzati. Fantastisch vond ik dat: goed geschreven verhalen die zich helder ontwikkelen en naar een ontknoping toewerken.’

Oulipo

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Ik hield en houd ook erg van auteurs die spelen met taal. Cortazar is daar erg goed in, en Georges Perec die in La disparition de letter e niet gebruikt. Stijloefeningen van Raymond Queneau heb ik toen ook gelezen, de man die de Oulipo-beweging mee heeft opgericht.’ Oulipo staat voor ‘l’Ouvroir de littérature potentielle’, een werkplaats voor ‘potentiële literatuur’ waarin schrijvers (en wiskundigen) hun inspiratie aanwakkerden door zich veranderende regels en beperkingen op te leggen -zoals het gebruik van bepaalde letters, woorden of klanken. ‘Stijloefeningen las ik ook met toneel in het achterhoofd, net zoals ik de vertalingen van Hugo Claus van de oude Grieken las of cabaretteksten verzameld door Kick van der Veer.’ 

“Het speelse, het grappige dat laat ik niet los.”

Taal is de speeltuin van Wouter geworden. Zo gaat hij op Radio 1 met luisteraars op zoek naar nieuwe woorden die de gaten in onze woordenschat dichten. Een ‘teluidje’ is iets wat je net te luid zegt over iemand die dat eigenlijk niet mocht horen. ‘Deugdzonde’ werd het Nederlands alternatief voor guilty pleasure en een ‘grauwflauwte’ is een grijze periode met weinig zon en wind, dus een povere tijd voor het opwekken van groene energie, en is zo het Nederlands alternatief voor het Duitse ‘Dunkelflaute’. ‘Het speelse, het grappige dat laat ik niet los. Daarom bracht ik ook De Grappen van de Ongelofelijke Moela Nasroeddin (van Idries Shah) mee, een boekje waaruit ik veel heb voorgelezen in taallessen voor Belgisch-Turkse kinderen. Die kennen Moela uit oude bedverhalen. Moela is een versmelting van een aantal volksfiguren, die op grappige en ook licht filosofische wijze denkfouten blootlegt. Zo verliest hij zijn sleutel in het donker en gaat die zoeken onder een lantaarnpaal, want op de andere plek ‘ziet hij niks.’’

De Tsjechen

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Fictie ben ik blijven lezen, maar er is -zeker de laatste jaren- wel veel non-fictie bijgekomen’, zegt Wouter. ‘Voor mij is dat een andere vorm van lezen. Voor non-fictie moet ik aan tafel zitten en notities nemen. Dat gaat om het begrijpen. Zoals Alles wordt anders… en beter van Koen Schoors. Die schrijft boeiend en helder over economie. Ik las al kritieken op economie, maar dan wist ik nadien nog altijd niet goed wat neoliberalisme nu precies was, enkel dat je er heel hard tegen moet zijn, of zoiets. Schoors schrijft bijvoorbeeld over “de juiste prijs”. Hij beargumenteert hoe je door een juiste prijs te plakken op milieuvervuiling, de markt stimuleert een betere oplossing te zoeken.’ 

“Veel nieuwe literatuur lijkt vooral over het kleinere te gaan, over het hoogstpersoonlijke leven. Waar op zich niks verkeerd mee is, maar ik wil boeken lezen die dat overstijgen en vanuit het kleine tegelijk iets zeggen over ons allemaal.”

‘Lees ik geen non-fictie, dan grijp ik gemakkelijk naar klassiekers zoals die van Stefan Zweig en George Orwell. Een eeuw geleden hadden dat soort schrijvers een grotere maatschappelijke betekenis dan die van nu. Dat voel je in boeken als De wereld van gisteren (Zweig) en Waarom ik schrijf (Orwell). Daarin staat veel op het spel, de inzet is hoog. Misschien ben ik niet goed geplaatst om de vergelijking te maken met de boeken die nu verschijnen, dus verbeter me als ik het fout heb, maar ik mis een soort ambitie, een vrij denken in verhalen die hoog spel spelen. Veel nieuwe literatuur lijkt vooral over het kleinere te gaan, over het hoogstpersoonlijke leven. Waar op zich niks verkeerd mee is, maar ik wil boeken lezen die dat overstijgen en vanuit het kleine tegelijk iets zeggen over ons allemaal.’

‘Daarom blijf ik fan van de Tsjechen. Die zijn daar meesterlijk in. Schrijvers als Karel Čapek (Oorlog met de salamanders), Bohumil Hrabal (Al te luide eenzaamheid) en Jaroslav Hašek (De lotgevallen van de brave soldaat Švejk) zijn tegelijk grappig, maar ook serieus. Hun tragische personages lijken naar binnen te keren, maar de verhalen zijn zo tragisch, zo gelaagd en zo verrassend geschreven, dat ze toestaan te reflecteren op de wereld om ons heen. Čapek, bijvoorbeeld, gebruikt totaal uiteenlopende stijlen in elk van zijn boeken, alsof hij tien verschillende schrijvers in één is. In Oorlog met de salamanders (over een scheepskapitein die voor de kust van een Aziatisch eiland een reusachtige, intelligente salamandersoort ontdekt, die hij als goedkope arbeidskrachten aan het werk zet.) doet hij dat zelfs binnen het boek. Hij switcht virtuoos van vertelstandpunt en schrijfstijl, en toch blaast het boek je van je sokken. Het gaat over het doorgedreven kapitalisme, over het uitputten van natuurlijke hulpbronnen, over het nationaalsocialisme natuurlijk, wat allemaal ernstig is, en toch moest ik bij het lezen heel vaak luidop lachen. Ja, de Tsjechen zijn meesterlijke schrijvers!’


REEKS: Leeswereld

‘Lezen is denken met andermans hoofd’, zei Schopenhauer. Maar wat zoeken we in dat andere hoofd? Is het rust, verstrooiing, kennis? Dit is Leeswereldeen interviewreeks van Matthias M.R. Declercq over de rol van lezen, over schoonheid, over taal.

Mis niets van Iedereen Leest