In het atelier van Thaïs Vanderheyden

Hoe ziet de werkruimte van illustratoren eruit? Wat zijn hun rituelen, talismannen en eigenaardigheden? Waaruit putten ze inspiratie en hoe komen ze tot hun beste werk? Journaliste Katrien Steyaert mag binnenkijken in hun ateliers en in hun creatieve geesten. Michiel Devijver maakt er foto’s bij. Deze keer: op bezoek bij Thaïs Vanderheyden in Brasschaat.

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

Man én uitgever

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

Een typische werkdag? De pelletkachel brandt, er speelt klassieke muziek, ik drink véél koffie en ’s middags vergeet ik te eten omdat ik zo diep in mijn sprookjesachtige bubbel zit. Ooit werkte ik bij Ketnet en vond ik het heerlijk om collega’s te hebben, maar ik kan moeilijk om met veel prikkels. Nu zit alleen Tom tegenover mij. Hij is mijn man én uitgever, en focust zich op de cijfers - hij heeft daar een hele gezonde kijk op -, de productie en alle praktische problemen die zich dagelijks stellen. Als we ambras hebben, sijpelt dat natuurlijk door in dit atelier, maar dat gebeurt zelden. Dit leven voelt dus echt als een luxe.’

“Tom is mijn man én uitgever. Als we ambras hebben, sijpelt dat natuurlijk door in dit atelier, maar dat gebeurt gelukkig zelden.”

Lievelingsverdriet

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

Ik voel me heel gemakkelijk gelukkig, waarschijnlijk omdat ik nauwelijks energie verspil aan me te verzetten tegen de shit die sowieso op je pad komt. Daarover gaat mijn dierbaarste boek, Lievelingsverdriet. Een ezeltje sleurt daarin de rouw om zijn vriend als een zware kei mee, later wordt hij er kwaad op, en nog later beseft hij dat in dat verdriet ook de liefde voor zijn vriend zit. Het kostte me zelf zeven jaar om dat in te zien, na de dood van mijn mama. Ik was 21 en onze relatie was bijna symbiotisch, zeker na mijn broers fatale fietsongeluk op mijn vijftiende. Mijn papa was negen jaar daarvoor uit het leven gestapt.’

Het grootste cadeau

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Mama wist van de oncoloog dat ze geen schijn van kans had, maar besloot om daarover te zwijgen en haar humor te behouden tot op het laatst. Het afscheid overviel mij natuurlijk, maar net omdat ze me zoveel liefde, relativering en zelfvertrouwen had gegeven, kon ik mijn leven zonder te veel trauma voortzetten. Dat cadeau wil ik doorgeven aan mijn kinderen en mijn publiek. Ik schoot onlangs weer vol toen een meisje vertelde hoe triest ze was dat haar papa was weggegaan, of toen mensen me mailden dat ze Lievelingsverdriet op een begrafenis hadden voorgelezen. Het is zo mooi om je eigen pijn te kunnen omzetten in iets constructiefs.’

“Het afscheid van mijn mama overviel mij. Maar net omdat ze me zoveel liefde, relativering en zelfvertrouwen had gegeven, kon ik mijn leven zonder te veel trauma voortzetten. Dat cadeau wil ik doorgeven aan mijn kinderen en mijn publiek.”

Pluche reuzenpantoffels

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Toen ze in 1968 voor papa’s werk mee naar Parijs verhuisde, ging ons mama daar schilderkunst studeren - door haar ken ik de stad als mijn broekzak. Bij ons thuis in Brugge had ze een atelier, waar mijn broer Stanislas en ik alle potloden en verf mochten gebruiken, en het niet erg was als we eens morsten. Ik genoot enorm van die vrijheid. In mijn huis hier is de zolder mijn vuile werkplek, al heb ik ook al in deze zogenaamd propere bureauruimte zitten knutselen. Twee zomers geleden maakte ik voor de Spiekpietjes-musical (gebaseerd op haar gelijknamige boekenreeks, red.) nog twee reuzenpantoffels in muntgroene pluche.’ (lacht)

“Bij ons thuis in Brugge had mijn mama een atelier, waar mijn broer Stanislas en ik alle potloden en verf mochten gebruiken, en het niet erg was als we eens morsten.”

Caran d’Ache

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Ik moedig mijn kinderen (twee tienerjongens en een meisjestweeling van elf, red.) aan door ze bijvoorbeeld nooit potloden uit de supermarkt te geven - daar zit zo weinig pigment in dat het resultaat nooit voldoening geeft - maar dure Caran d’Aches. Ze weten dat ze er zorgzaam mee moeten omspringen. En dat ze van de mijne moeten afblijven.’ (lacht) ‘Het was uitgeefster Marita Vermeulen van De Eenhoorn die me ooit aanraadde om met potloden over mijn taferelen in acrylverf te tekenen. En inderdaad: ik kan er, in de laatste fase van mijn tekenproces, schaduwen en dieptes mee aanbrengen die een beeld totaal optillen.’

Net als Tom Schamp

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Ik ben zeker niet de beste tekenaar van Vlaanderen, maar ik heb een onuitputtelijke fantasie en kan heel goed met kinderogen naar de wereld kijken - ja, ik “lijd” aan het Peter Pan-syndroom. Ik weet dus dat kleuters, anders dan hun ouders, altijd opmerken hoeveel details ik in mijn prenten verstop, en vaak heb ik voorpret als ik ergens een drolletje of een spin in smokkel. Net als de fantastische Tom Schamp ben ik een maximalist. Hoe voller mijn beelden, hoe liever ik het heb. Mijn vormgever wordt er soms wanhopig van omdat er bijna geen plaats voor de tekst overblijft. Maar ik zal altijd zo gretig en kleurrijk blijven, denk ik.’

“Hoe voller mijn beelden, hoe liever ik het heb. Ik heb voorpret als ik ergens een drolletje of een spin in smokkel.”

Dyslexie

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Stoppen met verhalen en liedjes schrijven is uitgesloten, want zelfs al is het vaak een gevecht, die creatieve uitlaatklep houdt me gezond en gelukkig. Ik hou ook van taal, wat raar is, want ik heb zware dyslexie. Mijn eerste aanzetten voor een tekst laat ik nog altijd aan niemand lezen. Ze bevatten vooral regie-aanwijzingen voor mezelf: dat figuurtje komt daar, zo maak ik deze scène visueel uitdagend. Ergens vind ik het jammer dat ik na mijn universitaire studies kunstgeschiedenis nooit tijd had voor een degelijke artistieke opleiding - ik was een jonge mama. Of ik gunde ze mezelf niet, dat is ook typisch voor mij.’

Reddend dieet

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Ik had wel veel aan mijn goede leraar Paul in de academie. Hij zei: “90 procent is kijken, 10 procent is tekenen”. Door opmerkzaam te zijn, krijg ik ook veel inspiratie. Zelfs in mijn bed noteer ik ideeën als ze oppoppen. Door zware insomnia sliep ik jarenlang maar twee, drie uur per nacht, tot ik fysiek en mentaal zo uitgeput was dat de huisarts me wilde laten opnemen. Gelukkig tipte een vriendin me toen research naar het schadelijke effect van suikers. Sindsdien weer ik die streng uit mijn voeding, ik eet zelfs geen brood of wortels, maar dankzij dat dieet zeiden mijn jongens: “Oef, je bent weer de lachende mama van vroeger”.’

“Door opmerkzaam te zijn, krijg ik ook veel inspiratie. Zelfs in mijn bed noteer ik ideeën als ze oppoppen.”

Moreel kompas

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Vijftien jaar geleden, toen ik als illustrator begon, waren de Gen X-ouders zoals ik minder gevoelig dan de millennials die nu mijn boeken kopen. De progressiefsten worden zelfs kwaad als ik een open haard of worstjes teken - allebei slecht voor het milieu. Rechts-conservatieven sturen me dan weer gore, soms ronduit bedreigende mails over hoe ik “mijn broek liet zakken” door van de Spiekpietjes roetpietjes te maken. Ik heb geleerd om me dat niet meer aan te trekken en volg mijn eigen moreel kompas. Zodra ik inzag wat een vreselijk koloniaal beeld mijn eerste, traditionele Sinterklaasboeken ondersteunden, heb ik alles herwerkt.’

Samoerai-tattoo

© Michiel Devijver en Iedereen Leest

‘Het is een zware verantwoordelijkheid dat het hele gezin financieel afhangt van het succes van met name de Spiekpietjes en de reeks Grote kunst voor kleine kenners. Maar ik haal ook veel energie uit creëren. Ik neem mijn tekengerief zelfs mee op reis. Sowieso heb ik het geluk dat ik kan terugvallen op een enorme, innerlijke beeldenbank. Mijn mama sleurde ons vroeger mee naar elk museum. Ze soupeerde papa’s eerste loon zelfs volledig op aan een uitgepuurde, Japanse prent. Die samoerai staat sinds 2013, kort na de scheiding van mijn eerste man, in het groot op mijn rug. He watches my back, net zoals mijn voorouders dat doen.’

“Ik heb het geluk dat ik kan terugvallen op een enorme, innerlijke beeldenbank. Mijn mama sleurde ons vroeger mee naar elk museum.”

REEKS: In het atelier

Hoe ziet de werkruimte van illustratoren eruit? Wat zijn hun rituelen, talismannen en eigenaardigheden? Waaruit putten ze inspiratie en hoe komen ze tot hun beste werk? Journaliste Katrien Steyaert mag binnenkijken in hun ateliers en in hun creatieve geesten. Michiel Devijver maakt er foto’s bij.

Mis niets van Iedereen Leest