Studenten geneeskunde lezen voor in UZ Leuven
Voorleesbuddy’s zijn onmisbaar. Want wat zijn we zonder de vele ouders, leerkrachten, kinderbegeleiders, vrijwilligers en vrienden die hun liefde voor het lezen delen? In deze reeks vertellen enkele buddy’s over hun drijfveren, de mooie verhalen die ze tegenkomen en de sterke band die voorlezen smeedt. Deze aflevering: de studenten van Medica lezen voor aan kinderen in Gasthuisberg.
Door Maya Toebat
Een tiental studenten geneeskunde schuifelt de afdeling pediatrie in UZ Leuven binnen. De gang is rustig tijdens de avond, maar in de vergaderruimte hangt een lichte spanning: nieuwe gezichten, wat zenuwachtige glimlachen en zacht geroezemoes. Op tafel liggen hun naamkaartjes al klaar.
Elke woensdagavond, van november tot mei, trekken studenten van Medica - de studentenvereniging van de Faculteit Geneeskunde en Biomedische Wetenschappen van de KU Leuven - vrijwillig door de gangen van het kinderziekenhuis om voor te lezen. Het project bestaat al twintig jaar en groeide uit een idee van studenten zelf, met steun van prof. Carine Wouters. Het idee is eenvoudig: kinderen in het ziekenhuis even uit hun medische realiteit halen en een moment van rust en verbeelding geven. Vooral studenten van de tweede en derde bachelor en van de master nemen deel. Dat is bewust gekozen: ze kennen al de basisregels van het ziekenhuis en kunnen met vertrouwen de afdeling op.
‘In het begin van het academiejaar vindt er een startmoment plaats in het kinderziekenhuis’, zegt Sofie Salu, pedagogisch medewerker en coördinator Kunst voor het Kinderziekenhuis van UZ Leuven. ‘Daar vertelt professor Wouter over het fonds “Kunst voor het Kinderziekenhuis” en het verloop van de voorleesmomenten. Daarna doet studentenvereniging Medica een oproep op hun sociale media, zodat studenten zich kunnen aanmelden. Dat zijn uiteenlopende profielen: studenten die graag met kinderen werken, die zelf veel lezen of graag voorlezen, of die gewoon nieuwsgierig zijn naar het project en het kinderziekenhuis.’ Zo is er student Amber, die ook zomerkampen begeleidt en graag bezig is met kinderen. ‘Voor ons is het geen grote inspanning’, zegt ze. ‘En ik zie dat zowel vijfjarigen als zestienjarigen ervan genieten.’
Briefing
Student Stefanie Martens, die bij Medica verantwoordelijk is voor het voorleesproject, vertelt de groep rustig hoe de avond zal verlopen. ‘Eerst gaan jullie per twee of alleen langs de kamers om te vragen welke kinderen willen deelnemen aan het voorleesmoment en wat hun interesses zijn. Niet elk kind heeft er nood aan of zin in en dat willen we respecteren. Daarna komen jullie terug en kiezen jullie twee tot drie boekjes uit de boekenkast. Die bevat verhalen in het Nederlands, Engels en Frans, voor verschillende leeftijden.’
Ze geeft ook enkele praktische tips mee: hoe je rustig een kamer binnenkomt, hoe je even afstemt met ouders of een kind wil luisteren, en dat ook oudere kinderen graag een verhaal horen of even babbelen. Na de briefing, heeft de eerste spanning plaatsgemaakt voor enthousiasme en nieuwsgierigheid. De studenten staan op en vertrekken in kleine groepjes richting de kamers.
Niet in studieboeken
Wat volgt, is voor beide kanten waardevol. Voor de kinderen is het voorleesmoment een welkome pauze in een lange ziekenhuisdag. ’s Avonds valt de drukte stil: er zijn geen activiteiten en therapieën meer. Net dan brengt een verhaal afleiding. ‘Het is een moment om terug te blikken op de dag en samen in een boek te verdwijnen’, zegt Sofie. ‘Ook voor ouders is het een welkome afwisseling: ze kunnen even ademhalen of zelfs kort de kamer verlaten terwijl de studenten bij hun kind zijn.’
De studenten vinden het minstens even betekenisvol. ‘Ze komen in contact met kinderen op een spontane manier, zonder de rol van zorgverlener’, zegt Stefanie. ‘Dat maakt het contact menselijker en directer. Je bent hier niet de zoveelste persoon die iets medisch komt doen, maar gewoon iemand die tijd maakt. Die ervaring is leerrijk en vormend.’
Tegelijk krijgen ze een andere blik op het kinderziekenhuis zelf: via de kamers, de ouders en het zorgteam, los van onderzoeken of behandelingen. ‘Als student geneeskunde is het goed om in contact te komen met een kind als patiënt’, gaat Stefanie verder. ‘Ik herinner me mijn eerste keer dat ik tegenover een kind zat en diens verhaal hoorde. Dat kwam binnen; ik had tranen in mijn ogen. Nu, twee jaar later, neem ik dat minder mee naar huis. Die afstand heb je nodig als toekomstig arts. En tegelijk blijft het contact als voorlezer iets heel warms. Dat leer je niet in de studieboeken.’
Laagdrempelig
Het voorleesproject is volledig vrijwillig. Studenten kunnen zich elke week apart aanmelden, afhankelijk van hun agenda. ‘Het moet laagdrempelig blijven’, zegt Stefanie. ‘Het is niet iets dat extra druk legt bovenop de studies. Maar we hebben voorlezers die bijna elke week komen.’
Evelyn was er al eens bij en komt vanavond voor de tweede keer. ‘Ik wil misschien kinderarts worden’, vertelt ze. ‘Vorige week kwam ik voor de eerste keer voorlezen en dat was supertof.’ Ze komt net terug van de kamer van de 16-jarige Eylyn. ‘Samen kozen we een hoofdstuk uit Dondernacht. Halverwege vroeg ik ze zelf een stukje wilde voorlezen. Eylyn twijfelde even, maar gaf toe: “Ik lees heel slecht, maar ik wil het graag proberen.” Nadien liet ik het boek achter zodat ze verder kon lezen. Ik ben zelf benieuwd hoe het verder gaat, dus ik ga straks nog even terug!’
Warm gevoel
Nu Stefanie verantwoordelijke is voor het project kan ze zelf minder gaan voorlezen, maar ze geniet ervan om andere studenten ervoor warm te maken. ‘Ik zie dat het zelfs verbindend werkt voor de studenten onderling. Vaak komen ze alleen aan, maar leren ze hier nieuwe mensen kennen en fietsen ze achteraf bijvoorbeeld samen naar huis. Ze geven elkaar ook boekentips. En er zijn studenten die later terugkeren als kinderarts.’
“Het werkt zelfs verbindend voor de studenten. Vaak komen ze alleen aan, maar leren ze hier nieuwe mensen kennen en fietsen ze achteraf zelfs samen naar huis.”
Elena doet vanavond voor de eerste keer mee. ‘Een vriend vertelde er heel enthousiast over. Ik heb zelf geen neefjes en nichtjes om aan voor te lezen, dus juist daarom wilde ik het graag proberen. Ik kom zeker terug.’ Ze deelt hoe haar voorleesmoment bij Maura van één jaar verliep: ‘Ze zat dicht tegen haar mama aangekropen en samen keken we in een boek van Bumba. Eerst was ze wat afgeleid, maar daarna zat ze helemaal in het verhaal.’
Volgens Stefanie zijn het vooral die kleine interacties die het project typeren. ‘Vorige week ben ik zelf gaan voorlezen en toen vroeg een meisje: “Kom je morgen ook?” Dat maakt de impact heel tastbaar. Het idee dat je voor een patiënt de avond iets lichter maakt, geeft veel voldoening. Ik ga elke week met een warm gevoel naar huis.’
REEKS: Voorleesbuddy's
Voorleesbuddy’s zijn onmisbaar. Want wat zijn we zonder de vele ouders, leerkrachten, kinderbegeleiders, vrijwilligers en vrienden die hun liefde voor het lezen delen? In deze reeks vertellen enkele buddy’s over hun drijfveren, de mooie verhalen die ze tegenkomen en de sterke band die voorlezen smeedt.