Wie leest er met je mee in Vlaanderen?

Voor een op acht Vlamingen is boeken lezen de favoriete vrijetijdsactiviteit naast tv-kijken, een krant of tijdschrift lezen, wandelen in de natuur of sporten. Maar wie zijn de Vlamingen die (bijna) net zo graag in de literatuur als de natuur wandelen? Op basis van enkele grootschalige onderzoeken wordt een portret van de volwassen Vlaamse lezer geschetst.

door Fieke Van der Gucht | illustraties door Eleni Debo
© Eleni Debo

Lezer onder de loep

Tot ver in de twintigste eeuw werden lezers in Vlaanderen door onderzoekers ongemoeid. In 1994 werd het leesgedrag van de Vlaming een eerste keer onderzocht. In 2011 liet toenmalig minister van Cultuur Joke Schauvliege een nieuw, grootschaliger onderzoek uitvoeren bij 18-plussers: Koop-, leen- en leesgedrag in Vlaanderen. Daarnaast wordt lezen ook onrechtstreeks onderzocht. Dat gebeurt via onderzoek dat nagaat in welke mate Vlamingen van 15 jaar en ouder deelnemen aan de maatschappij. In 2004 maakte het thema ‘lezen’ deel uit van het Cultuurparticipatieonderzoek; in 2009 en 2014 van de Participatiesurvey kwamen naast cultuur ook de thema’s jeugd, media en sport aan bod waardoor het thema ‘lezen’ beperkter onderzocht werd. Uit de resultaten van die grote overheidspeilingen komt een betrouwbaar portret van de lezende Vlaming in de jaren 2010 tevoorschijn. Het blijft echter wachten op meer up-to-date onderzoek van een vergelijkbaar grootschalig niveau om na te gaan of het leesgedrag in Vlaanderen recent een evolutie heeft doorgemaakt.

Lezen Vlamingen veel en graag?

In 2011 stelden de onderzoekers van Koop-, leen- en leesgedrag in Vlaanderen vast dat 13 procent van de Vlamingen elk jaar meer dan twintig boeken leest. Een hoger aantal, namelijk 71 procent van alle Vlamingen, geeft daarnaast aan (minstens) één boek gelezen te hebben in het jaar daarvoor. Dat is meer dan in 1994 toen het nog om 55 procent ‘éénboeklezers’ ging. Die cijfers bevestigden de groei van het percentage lezers dat eerder ook al werd vastgesteld in de Participatiesurvey 2009. In 2014 werd enkel gepeild naar het lezen van romans en poëzie: die werden in het algemeen gretiger gelezen dan vroeger, behalve door jongeren.

“55 procent van de Vlaamse volwassenen beschouwt lezen als favoriete vrijetijdsactiviteit.”

Op internationaal niveau werd niet het aantal gelezen werken onderzocht, maar wél de leesfrequentie. In 2016 vroeg GfK, een internationaal marktonderzoeksbureau, mensen in zeventien landen hoe vaak ze lazen. Gemiddeld genomen lezen 30 procent van de mensen wereldwijd elke dag, slechts 6 procent leest nooit! Beste leerlingen van de klas zijn de Chinezen (36% van hen leest elke dag); slechtste leerlingen van de klas zijn de Nederlanders en de Zuid-Koreanen (16% van hen leest nooit). Belgen – Vlamingen werden niet apart onderzocht – scoren slechter dan het gemiddelde op beide fronten: 19 procent leest elke dag, 14 procent leest nooit.

Toch is er geen reden tot paniek. Volgens Koop-, leen- en leesgedrag in Vlaanderen is lezen voor iets meer dan de helft van de Vlaamse volwassenen (55%) een van de favoriete vrijetijdsactiviteiten en 12 procent beschouwt lezen als zijn of haar voorkeurshobby. De onderzoekers concludeerden in 2011 dat vrouwen en hoger opgeleiden meer lezen. Daarmee volgt Vlaanderen een internationale trend: ook de GfK Survey naar leesfrequentie toont aan dat vrouwen vaker elke dag lezen, net als mensen met een hoger diploma. Al bleek uit de Participatiesurvey 2014 blijkt dat de sociale kloof, op leesgedrag dan toch, kleiner wordt: mensen met een diploma secundair of hoger onderwijs lezen minder dan vroeger, terwijl mensen met een diploma lager onderwijs even veel blijven lezen dan voorheen.

Wat lezen we?

Koop-, leen- en leesgedrag in Vlaanderen uit 2011 stelde vast dat in Vlaanderen ongeveer evenveel fictie als non-fictie wordt gelezen (85 respectievelijk 83%). Binnen de categorie fictie zijn literatuur (59%) en spannende boeken (53%) de toppers. Strips volgen op een derde plaats (29%), gevolgd door fantasy & sciencefiction (22%) en kinder- en jeugdboeken (18%). Binnen de categorie non-fictie spannen vrijetijdsboeken (= huis, tuin en keukenboeken) (47%) en reisboeken en reisgidsen (43%) de kroon. De meest populaire genres zijn zowel voor mannen als vrouwen het meest belangrijk, maar sommige genres spreken duidelijk het ene geslacht meer aan dan het andere. Fantasy & sciencefiction en strips worden meer door mannen, literatuur en kinderboeken meer door vrouwen gesmaakt. Binnen non-fictie lezen vrouwen vaker vrijetijdsboeken, mannen
vaker wetenschappelijke literatuur en geschiedenisboeken.

Of de lezende Vlaming sinds 2011 een evolutie in die leesvoorkeuren heeft doorgemaakt, is niet eenvoudig vast te stellen: sinds dat jaar zijn lezers in Vlaanderen niet meer grootschalig bevraagd. Uit de verkoopcijfers die marktonderzoeksbureau GfK bijhoudt, zou je onrechtstreeks kunnen afleiden dat de leesvoorkeuren van jaar tot jaar sterk durven te schommelen. Onterecht helaas: een spectaculaire stijging van één bepaald genre hangt immers meestal samen met één bestsellertitel. In 2012 en 2016 is de opvallende populariteit van de literaire fictie bijvoorbeeld volledig te wijten aan respectievelijk Vijftig tinten grijs van E.L. James en Het smelt van Lize Spit; de opgang van de non-fictie in 2014 hangt dan weer samen met een kookboek van Pascale Naessens. Daaruit een steeds wisselende leesvoorkeur van Vlamingen voor het ene of het andere genre afleiden, zou niet correct zijn. Een uitzondering daarop vormen de strips: jaar na jaar blijven die gesmaakt door de lezende Vlaming, zo blijkt uit de verkoopcijfers.

Wanneer lezen we?

“Vlamingen lezen vooral wanneer ze over vrije tijd - hun meest kostbare tijd - beschikken.”

Lezen is belangrijk voor alle leeftijden, maar vanaf 65 jaar haakt een aanzienlijk deel af. Volgens Koop-, leen- en leesgedrag in Vlaanderen las 80 procent van de 18- tot 24-jarigen het jaar daarvoor een boek, van de 65-plussers was dat 57 procent. Daarmee bevestigde het onderzoek een van de conclusies van de Participatiesurvey 2009: hoe ouder je wordt, hoe minder je lijkt te lezen. Waarom dat zo is, daar zijn onderzoekers nog niet achter. De lezende 65-plussers lezen wel frequenter dan andere leeftijdsgroepen, tijdens de werkweek (overdag) vergeleken met lezers in de leeftijdscategorieën (61% versus 15 tot 26%): gepensioneerden hebben tussen maandag en vrijdag natuurlijk vaker vrije tijd. In het algemeen lezen Vlamingen vooral in de vakantie (72%), ‘s avonds tijdens de week (65%) of in het weekend (58%) – wanneer ze dus over vrije tijd, hun meest kostbare tijd, beschikken. Ze willen dus de tijd waarin ze zich het beste voelen, spenderen aan lezen. Overigens is tijdgebrek, en niet geldgebrek, een van de meest aangehaalde redenen om niet te lezen. Mensen vinden boeken ook niet te duur.

Kopen of lenen?

Uit Koop-, leen- en leesgedrag in Vlaanderen werd duidelijk dat lezers zowel boeken kopen als lenen: drie op vijf Vlamingen gaf aan boeken te kopen; twee op vijf Vlamingen beweerde minstens een boek per jaar te ontlenen. ‘Kopen’ en ‘lenen’ vullen elkaar klaarblijkelijk aan. Mensen kopen omdat ze een boek graag willen koesteren en om het in te kijken wanneer ze willen. Als ze lenen, dan willen ze ontdekken en proeven zonder er meteen geld aan uit te geven. In een bibliotheek kunnen lezers boeken testen en hun smaak verfijnen. Als mensen dan een boek vinden waar ze voor willen gaan, vinden ze hun weg naar de boekhandel.

Die boeken kochten Vlamingen vooral voor zichzelf (62%), in de tweede plaats voor huisgenoten (22%). De rest van de boekaankopen dienen als cadeautje voor anderen. Uit de cijfers over het boekenvak die marktonderzoeksbureau GfK bijhoudt voor Boek.be blijkt dat de boekenverkoop na 2011 drie jaar op rij daalde. In 2015 is de boekensector optimistischer en steeg de omzet opnieuw met 0,5 procent, maar in 2017 daalde de omzet opnieuw. Andere GfK-cijfers leren dat de internetboekhandels hun positie aldoor verstevigen in het boekenlandschap. Terwijl ze in 2011 nog maar 7% van alle boekenverkoop online verliep, is dat percentage in 2015 al verdubbeld tot 15%. In 2017 is het percentage al gestegen tot bijna 20%.

Ook het aandeel e-boeken nam fors toe. In 2010 raamde Boek.be hun aantal op 0,21% van de totale boekenverkoop: echt betrouwbare cijfers zijn er dan nog niet. Pas sinds 2014 laten ze de cijfers systematisch bijhouden door GfK. Dat marktonderzoeksbureau schat het e-aandeel in 2015 op 3%, ongeveer vijftien keer zoveel. Daarvoor geeft GfK twee verklaringen: de beschikbaarheid van e-boeken stijgt, de prijs ervan daalt. Toch blijft het papieren boek in Vlaanderen stevig standhouden. In Nederland bijvoorbeeld waren e-boeken in 2015 al goed voor 5,5% van de totale boekenverkoop terwijl Vlaanderen in 2017 hiervoor 4% optekende.

Overigens, als je het onderzoek uit 2011 met dat van 1994 vergelijkt, lenen Vlamingen steeds vaker boeken. Tegelijkertijd wezen de onderzoekers Koop-, leen- en leesgedrag in Vlaanderen erop dat het aantal uitleningen in de bib niet in verhouding was gestegen. Zij gaan er daarom vanuit dat Vlamingen vaker boeken lenen van elkaar. Conclusie: boeken staan dus meer en hoger op de sociale agenda bij volwassen, Vlaamse lezers.

Bronnen


Deel dit artikel: