Poëzie buiten de bladspiegel: hoe je overal poëzie kan beleven

Zo op het eerste gezicht lijkt het niet zo goed gesteld met de poëzie: van elke dichtbundel worden er bijvoorbeeld gemiddeld 200 exemplaren verkocht. ‘Maar als je goed om je heen kijkt / zie je dat alles (poëtisch) gekleurd is.’ Je hoeft namelijk niet met een boekje in een hoekje te kruipen om gedichten te savoureren. Veel vaker gaat poëzie immers haar boekje te buiten: via een vers op een geboortekaart, een gedicht op een begrafenis, een muurgedicht in het straatbeeld ...

door Fieke Van der Gucht
© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Literatuurwetenschapper en dichter Kila van der Starre voerde in 2017 een Nederlands onderzoek naar poëziebeleving ‘buiten de dichtbundel’. De meeste poëzie komen mensen immers ‘zomaar’ tegen. En daar kunnen boekhandelaars en uitgevers, bibliotheken en onderwijs hun voordeel mee doen. Daarom geven we ook tips om onverwachte poëtische ontmoetingen zelf op te zoeken of te organiseren.

Onderzoek naar poëziebeleving

97 procent van alle Nederlandse volwassenen komt ‘op een of andere manier’ met poëzie in aanraking. Dat is het belangrijkste resultaat van het onderzoek naar poëziebeleving dat Kila van der Starre, dichter en literatuurwetenschapper aan de Universiteit Utrecht, voerde in opdracht van Stichting Lezen Nederland. ‘Op een of andere manier’ betekende binnen dit onderzoek zowel ‘poëzie lezen in een bundel’, ‘poëzie beluisteren’, ‘poëzie schrijven’, ‘poëzie zomaar tegenkomen’, ‘poëzie delen’ en ‘poëzie opzoeken op internet’. Opvallend: terwijl zo’n 40 procent de poëzie actief opzocht in een bundel, kwamen zowat alle respondenten de poëzie passief of ‘zomaar’ tegen. Lees: zonder dat ze er bewust naar op zoek gingen.

Bewuste poëtische ontmoetingen

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Zoemen we eerst in op de actieve vormen van in aanraking komen met poëzie, dan wijst van der Starre op een belangrijk verschil tussen de reden om gedichten op te zoeken in een bundel enerzijds, en op internet anderzijds. De respondenten gaven ‘om geraakt te worden’ aan als de hoofdreden om een dichtbundel te lezen. Bij wie poëzie zocht op internet, was dat echter ‘om een gedicht uit te zoeken voor een gelegenheid’, bijvoorbeeld een geboorte, huwelijk of begrafenis. Daar kunnen belanghebbenden beter rekening mee houden volgens de onderzoekster.

Gedichten digitaal ontsluiten

Vanwege die belangstelling voor gelegenheidsgedichten op internet luidt een eerste aanbeveling van van der Starre: organisaties die willen dat meer mensen kwaliteitsvolle poëzie leren kennen, kunnen het best meer investeren in het digitaal ontsluiten van gelegenheidsgedichten, bijvoorbeeld via een portaalsite. Omdat deelnemers vooral vertrouwd blijken met mannelijke en overleden dichters, zou zo’n digitale plek extra aandacht kunnen schenken aan poëzie van vrouwelijke en hedendaagse dichters.

Onbewuste poëtische ontmoetingen

“En het was op die leeftijd ... / De poëzie was naar me op zoek. Ik weet niet, weet niet vanwaar ze opdook, uit winter of rivier”, schreef Pablo Neruda. Die versregels demonstreren mooi hoe de poëzie vaak ook onbewust het leven van mensen binnensluipt, zelfs vaker dan op een bewuste manier volgens van der Starres onderzoek. De manieren waarop dat gebeurt, lopen uiteen, maar de vaakst aangehaalde reden is ‘tijdens een gelegenheid als een huwelijk of begrafenis’. Op nummer twee en drie volgen spontane ontmoetingen ‘via televisie’ en ‘in de openbare ruimte’, bijvoorbeeld via een gevelgedicht. Verder worden ook ‘in een tijdschrift’; ‘in het huis van iemand anders (denk aan een poster, scheurkalender of kussensloop)’; ‘via social media’; ‘op de radio’ en ‘via website’ genoemd.

Toevallige poëzie als stepping stone

Op wat voor manier het ook gebeurt, poëzie ‘zomaar’ tegenkomen wordt over het algemeen sterk gewaardeerd. Bovendien wakkerden de toevallige ontmoetingen bij de helft van hen de lust naar meer poëzie lezen of beluisteren aan: ze fungeren dus als een stepping stone. Aan uitgevers en boekhandelaars, bibliotheken en scholen om met die bevinding hun voordeel te doen en meer in te zetten op ‘toevallige’ poëzie buiten het boek, aldus van der Starre.

Poëzie voor elke gelegenheid

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Aangezien mensen aangeven het vaakst poëzie te horen bij speciale gelegenheden, is het een kwestie van de poëzie op die momenten zo veel mogelijk te integreren. Zo verraste de Nederlandse burgemeester Aboutaleb de inwoners van Rotterdam met een nieuwjaarsspeech in dichtvorm. En wie kent dichter W.H. Auden en zijn gedicht Stop all the clocks bijvoorbeeld niet via de uitvaartspeech in Four Weddings and a Funeral? Soms is de speciale gelegenheid Gedichtendag zelf, elke laatste donderdag van januari. Dan roepen supermarkten soms poëzie om via de intercom of kiezen bedrijven voor een gedicht als wacht’muziekje’ of out-of-officepoetry. Al zijn die laatste twee initiatieven natuurlijk het hele jaar door inzetbaar.

Poëzie voor elke plek

Dichteres Maud Vanhauwaert bracht voor tv-programma Iedereen Beroemd dan weer poëzie op onverwachte plekken zoals een groentemarkt en een koekjesfabriek. Daarmee voldeed Iedereen Beroemd overigens aan een andere aanbeveling van Van der Starre: poëzie binnenbrengen in niet-literaire tv- of radioprogramma’s. Dat doet de alertheid voor poëzie namelijk toenemen. Al blijven de poëziefragmenten uit literair programma Winteruur ook heel bruikbaar als illustratie in poëzieonderwijs.

Collectief luisteren, niet individueel lezen

In dat poëzieonderwijs ligt de nadruk vooral op gedichten lezen, alleen en in stilte bovendien. De meeste mensen zijn er echter aan gewend om luisterend en in groep met poëzie in aanraking te komen. Dat wordt te vaak over het hoofd gezien, vindt van der Starre. Nochtans heeft poëzie als oraal fenomeen altijd al bestaan, terwijl poëzie op schrift en in druk betrekkelijk jong is, laat staan poëzie in digitale media, stelt ze. Leerkrachten en samenstellers van educatieve pakketten over poëzie zouden dus meer gebruik kunnen maken van poëzievoordrachten, zowel live als via audio- of video-opname.

Live of virtuele poëzieperformances

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Organisaties als het Poëziecentrum en Jeugd en Poëzie kunnen scholen helpen bij dergelijk poëzieonderwijs: specifiek om zo’n live poëzieperformer te vinden, of in het algemeen om een mooi educatief aanbod uit te werken voor hun leerlingen – eventueel met financiële steun van de Auteurslezingen. Ook een poetry slam, een boksmatch met woorden, behoort tot de mogelijkheden. Deze handleiding van Creatief Schrijven zet leerkrachten, hun leerlingen en andere geïnteresseerden daarbij op weg. Inspiratie is ook te vinden in het Belgisch Kampioenschap Poetry Slam.

Andere mogelijkheid naast live performances, zo stelt van der Starre voor, zijn audio- of video-opnames. Enkele good practices? De eerder aangehaalde filmpjes van Iedereen Beroemd of Winteruur, maar ook de talkshow De Wereld Draait Door met aandacht voor hedendaagse, gesproken poëzie en ex-Dichter des Vaderlands Ramsey Nasr die 21 Nederlandstalige gedichten van de veertiende eeuw tot nu liet verfilmen.

Gedichten delen via sociale media

Uitgevers, boekhandelaars en niet-commerciële organisaties die poëzie actief willen promoten, zouden verder meer gedichten kunnen delen via sociale media. Die kunnen bovendien dienen als kwaliteitsvolle input voor de 40 procent mensen die poëzie actief deelt. Dat doen ze namelijk niet uitsluitend, maar wel het meest frequent via sociale media. Zo deelde Harrie Leenders, lid van de Facebook-groep Iedereen Leest – Wat lees jij? elke ochtend een gedicht met beeld gelinkt aan een bepaald thema of persoonlijke anekdote. Die traditie werd zo gesmaakt, ook door poëzieleken, dat ze na zijn overlijden werd verder gezet. Zo ‘overvallen’ actieve verspreiders toevallige passanten met onverwachte poëzie.

Opvallende dichtvormen uitkiezen

Wat origineel is en in het oog springt, wordt sneller gedeeld op sociale media. Omdat beeld het beter doet dan tekst, kun je op zoek gaan naar vormen van visuele poëzie of de eerder vermelde filmpjes met poëzieperformances op onverwachte plekken verspreiden. Verder zijn er ook de opvallende dichtvormen zoals de Stiftgedichten die poëzie tevoorschijn toveren uit krantenartikels of de Spotify Poetry van Stijn de Paepe, die als huisdichter ook actualiteitsgedichten schrijft voor De Morgen. Overigens zijn die laatste gedichten heel bruikbaar als introductie in een les over de actualiteit.

Poëzie in het straatbeeld

Niet alleen virtueel, ook in real life komen mensen met poëzie in aanraking. 70 procent van volwassen Nederlanders komt wel eens poëzie in de openbare ruimte tegen, toont het onderzoek van van der Starre aan. Dat gebeurt bij bijna 1 op de 5 mensen één keer per maand of vaker. Gedichten zijn bijvoorbeeld te lezen op muren, gevels, daken, plakkaten, standbeelden, borden, posters, schuttingen of stoeptegels. Soms is straatpoëzie gerealiseerd door een organisatie of een gemeente, soms door buurtbewoners of door een stadsdichter, en soms weet niemand wie de straatpoëzie heeft aangebracht.

Zelf openbare gedichten zoeken

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Wie leerlingen of bibbezoekers verrassen met poëzie die zomaar voor het rapen ligt in de openbare ruimte kan op deze interactieve kaart van straatpoëzie.nl nagaan waar je openbare poëzie in Vlaanderen en Nederland vindt. Of meld zelf een gedicht aan zodat anderen het kunnen terugvinden: meer dan 2000 gedichten zijn er ondertussen al ingevoerd. Wie in het onderwijs werkt kan als extraatje deze lesideeën rond straatpoëzie inzetten. Wie liever geleid wil worden, kan een gegidste poëzieroute zoeken, bijvoorbeeld die van Literair Gent en het Poëziecentrum of de stadswandeling Proza en Poëzie van Antwerpen Anders.

Jaarlijkse poëziecampagnes

Tot slot: wie een breed publiek wil overvallen met poëzie, vindt daarvoor elk jaar weer nieuwe inspiratie in grote poëziecampagnes als de Poëzieweek. Die wordt zowel in Vlaanderen als Nederland gevierd en afgetrapt op Gedichtendag, die telkens op de laatste donderdag van januari valt. Bewijs van het effect? Tijdens de Poëzieweek worden 30 procent meer dichtbundels verkocht in Vlaanderen en Nederland – niet toevallig krijg je daar een gratis Poëziegeschenk in de boekhandel bovenop. Ook acties van de Dichter des Vaderlands of van stadsdichters van grote of kleine gemeenten krijgen veel (pers)aandacht. Van der Starre port commerciële en niet-commerciële belanghebbenden daarom tot slot aan om die initiatieven nóg beter bekend te maken. Die oproep vond alvast gehoor bij het Poëziecentrum dat op Gedichtendag 2019 Poëzie-Centraal lanceerde, naast verzamelplaats voor alle poëzienieuws ook een overzichtelijke databank voor alle Nederlandstalige Belgische dichters uit de twintigste en eenentwintigste eeuw.

Meer weten?


Deel dit artikel: