VERSLAG: Academische studiedag rond dieren in kinderboeken

Zijn sommige dieren gelijker dan anderen? Waarom zijn de beste vrienden van Pluk uit Pluk van de Petteflet een ordinaire stadsduif en een kakkerlak? Op deze en nog veel andere interessante vragen kregen we een antwoord tijdens Het neusje van de zalm, de academische studiedag rond jeugdliteratuur van Universiteit Antwerpen en Iedereen Leest. Het thema van Jeugdboekenmaand - 'Dieren' - stond die dag centraal.

Iedereen Leest-collega Eva Berghmans heet iedereen welkom.

Leerkrachten, bibliothecarissen, academici en een heleboel studenten kwamen op woensdag 25 februari samen in Antwerpen voor een studiedag die volledig in het teken stond van Jeugdboekenmaand 2026. We gingen dieper in op het thema dieren in kinder- en jeugdliteratuur.

Onderzoekers aan het woord

Onderzoekster Wendela de Raat (Universiteit Utrecht) had voor ons een klassieker meegebracht, want zij liet ons beter kijken naar de dieren in Pluk van de Petteflet van Annie M.G. Schmidt. Zij stelde vast dat de dierlijke vrienden van Pluk, zoals de duif Dolly en de kakkerlak Zaza, dieren zijn die niet door iedereen in het verhaal gerespecteerd worden. Alleen de lezer en de personages die de dieren begrijpen en met hen kunnen spreken, deugen. De personages die die dieren liever kwijt dan rijk zijn, zoals mevrouw Helderder, missen verbeeldingskracht en deugen niet. Hierdoor zijn die sprekende maar onpopulaire dieren volgens haar in staat om verstarde machtsverhoudingen in beweging te brengen.

Daarna hielp dr. Sara Van den Bossche (Universiteit Tilburg) ons een kritische blik te werpen op diversiteit en inclusie in dierenverhalen. Ze besprak een aantal prentenboeken waarin de dieren een identiteitscrisis doormaken en wees ons erop hoe het menselijke vaak als norm gebruikt wordt. Toch telt, ondanks die “antroponormalisering”, steeds ook de norm van de diersoort. De dieren zoeken steeds een balans tussen conformisme aan die normen en hun eigenheid.

Illustratie: Joris Thys

Na de koffiepauze volgde een lezing van Louise Ledegen (Universiteit Antwerpen), gebracht door Frauke Pauwels wegens ziekte. Die lezing ging over de dierentuin in twintigste-eeuwse Vlaamse jeugdboeken. De zoo functioneert nog niet zo lang als publieksruimte en was lang de materialisatie van het burgerlijk streven naar controle: de mens flaneerde gemanierd langs aangelegde paadjes tussen getemde natuur en dieren achter tralies. Om die reden waren verhalen waarin gekke avonturen in de dierentuin beleefd worden lange tijd moeilijk te vinden.

Doctoraatsstudent Lore Goossens (Universiteit Antwerpen) vertelde ons dat Belle en het Beest een populair verhaal blijft bij tieners. De youngadultversies van het bekende sprookje zijn misschien wel donkerder dan de versies voor jonge kinderen, maar de moraal blijft overeind: liefde kijkt verder dan het uiterlijk alleen. 

Afsluiten met een auteur

Evelien De Vlieger, auteur van onder meer Het grote kippenboek, kwam als laatste aan het woord. Ze had het over haar moeilijke relatie met dieren én met schrijven en vertelde hoe een afgezonderde periode in een caravan naast de kippenren onbedoeld bijdroeg aan het schrijven van Het grote kippenboek. Evelien zorgde voor een mooie afsluiter van een boeiende namiddag.

De studiedag Het neusje van de zalm maakte duidelijk hoe rijk en gelaagd dierenverhalen kunnen zijn. De namiddag vormde een geslaagde en inspirerende opwarmer voor Jeugdboekenmaand 2026. 


Mis niets van Iedereen Leest