SOS! Is er een expert leesbevordering in jouw organisatie?

Een kwalitatieve leesomgeving wordt vormgegeven door deskundige en gepassioneerde  (beroeps)krachten. Er is daarom nood aan diverse en nieuwe profielen in zowel bibliotheken als scholen en andere opvoedingscontexten. Daarnaast zijn er sterke langlopende professionaliseringstrajecten nodig met aandacht voor expertise-uitwisseling en reflectie.

door Fieke Van der Gucht
© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Dit artikel is een verslag van een deelsessie op de Iedereen Leest-conferentie 'Waarom leesbevordering ertoe doet'. Die vond plaats in Gent op 11 februari 2020. Alle verslagen van die conferentie lees je in een terugblik.

De wereld verandert en doet dat snel. Competenties die je opdeed in je opleiding moeten snel bijgeschaafd, je kennis moet voortdurend worden bijgespijkerd om blijvend mee te zijn als werknemer. Tegen 2050 wil de Vlaamse overheid een werkend Vlaanderen dat levenslang leert. Ook de leesbevorderingssector heeft nood aan lerende organisaties en blijvende professionalisering tijdens de hele loopbaan.

Afstemming en verbetering

In de sessie SOS. Is er een expert leesbevordering in jouw organisatie: over het belang van lerende organisaties schetst Stieneke Eising (opleidingscoördinator bij Kunst van Lezen, het leesbevorderingsprogramma van de Nederlandse overheid) eerst het bredere theoretische plaatje van lerende (leesbevorderende) organisaties. Voor een lerende organisatie tot concrete professionaliseringsacties overgaat, is het belangrijk dat ze verschillende soorten kennis en competenties van haar werknemers kent en samenbrengt voor kennis- en ervaringsuitwisseling; dat ze de ontwikkelingsnoden en -behoeften van de organisatie in haar geheel én van alle individuele werknemers in kaart brengt en die op elkaar afstemt; en dat ze een (visueel) overzicht krijgt van de leerstijlen op individueel, team- en organisatieniveau, bijvoorbeeld via de handige Leerscan.

“Ik sta even stil en dat is een hele vooruitgang.”
- Bertold Brecht, geciteerd door Stieneke Eising

Stieneke Eising © Michiel Devijver | Iedereen Leest

Vervolgens past Eising de theorie over lerende organisaties in het algemeen toe op lerende organisaties in de leesbevorderingssector. Om een heuse leesconsulent te worden – “Een leesconsulent stimuleert lees- en taalactiviteiten en kan het kind, via boeiende titels en leesbevorderende activiteiten, kennis laten maken met het beslissende boek, hét boek dat hen zal vormen als latere lezer” – is het belangrijk dat de leesbevorderende organisatie waar je deel van uitmaakt een PDCA-cyclus (Plan Do Check Act) doorloopt. Dat is een krachtige verbetermethode waarmee je stap voor stap (de leesbevordering binnen) je organisatie naar een hoger niveau kan tillen. Een uitgewerkt voorbeeld van die cyclus – met tips and tricks per bouwsteen – vind je op de Bibliotheek op school, het leesbevorderingsprogramma dat samen met scholen lezers wil kweken door alle professionaliteit van de bibliotheek de school in te brengen.

Twee praktijkvoorbeelden

De verhalen van Mieke Van Geel (programmaleider Antwerpse bibliotheken) en Ann Martin (studiegebieddirecteur onderwijs voor de lerarenopleidingen van de co-hogeschool Odisee) vullen dat theoretische kader verder aan vanuit hun praktijkervaring met levenslang leren in bibliotheek, respectievelijk onderwijs.

Het interessante verhaal van Mieke Van Geel krijgt het publiek mee via een samenvatting door Sarah Van Tilburg – Van Geel zelf is helaas ziek. Zij ontwikkelde een langetermijnplan van vijftien jaar voor de Antwerpse bibliotheken. Die zijn niet langer klassieke uitleenbibliotheken, maar willen graag toewerken naar klantgerichtere bibliotheken. Uit een gebruikersonderzoek bleek dat niet iedereen zich welkom voelde in de Antwerpse bib. Uit die bevraging distilleerden ze daarom negen types lezers, van de traditionele veellezer tot de sociale belevingszoeker, die ze voortaan elk op hun manier warm willen onthalen. De bibgebruiker wordt een gast; de bibmedewerker een gastheer of gastvrouw.

“De bibgebruiker wordt een gast; de bibmedewerker een gastheer of gastvrouw. Verbinding is daarbij het sleutelwoord.”

Verbinding is daarbij het sleutelwoord: zowel met elke type klantenprofiel, met de lokale omgeving en de bredere wereld. Om die verbindingen tot stand te kunnen brengen moeten bibmedewerkers zich omscholen. Daarvoor ontwikkelde Van Geel o.m. een vormingsplan met naast verplichte opleidingen, ook individuele keuzetrajecten. Precies die balans tussen geven en nemen bij werknemers en de lerende organisatie in haar geheel is een cruciale factor voor succes bij levenslang leren, zoals Eising eerder aangaf. Er wacht de Antwerpse bibliotheken dus een mooie toekomst!

Ook Ann Martin (studiegebieddirecteur onderwijs voor de lerarenopleidingen van de co-hogeschool Odisee) gelooft in de kracht van leren, een leven lang. Vanuit de vaststelling dat leraren-in-opleiding geen graaglezers waren, ontwikkelde Odisee voor haar lerarenopleiding het leesbeleidsplan Samen lezen. Daaraan zijn concrete acties verbonden zoals het kwartierlezen, leeslounges op drukke plekken en een leerlabo Samen lezen waarin docent en studenten in kleine groepjes een literair werk bespraken volgens de samenleesprincipes van de The Reader Organisation en Het Lezerscollectief – sommige docenten mochten zich bij die organisaties bijscholen.

“Voer geen acties uit zonder de urgentie te voelen die aan de basis ligt. Want dan blijven enkel de 'what' en 'how' over, zonder de 'why'.”

De belangrijkste valkuil waarvoor Ann waarschuwde, was dat docenten op een gegeven ogenblik de bestaande acties uitvoeren zonder de urgentie aan de basis daarvan nog te voelen: alleen de what en how blijven over, zonder de why. Daardoor gaan de motivatie en het verlangen om nog beter te doen verloren. De urgentie wordt daarom regelmatig in herinnering gebracht. Odisee zet ook in op expertise-opbouw met bijvoorbeeld twee onderzoeksprojecten: het Boekenhouder-project van Jaantje Verbruggen enerzijds, en de Leesscan anderzijds (in voorbereiding, een samenwerking tussen Odisee en AP Hogeschool). Dat laatste project onderzoekt de bouwstenen van een duurzaam leesbeleid. Om de verzamelde kennis uit de praktijk en het onderzoek blijvend te delen met internen en externen, kan je als leesbevorderaar het postgraduaat Leescoach volgen in Odisee. Zo leren lerende organisaties ook nog verder van elkaar.

Ook Iedereen Leest zelf laat zich na die inspirerende inzichten niet onbetuigd als een organisatie die zélf blijvend wil bijleren en tegelijkertijd die deskundigheid wil delen met (aspirant-) leesbevorderaars. Sarah Van Tilburg (coördinator vorming bij Iedereen Leest) zet de initiatieven op een rijtje: studiedagen in eigen regie, in co-creatie met partners of door derden; ervaringsuitwisselingen in Lerende Netwerken zoals het Netwerk Lezen op School of Voorlezen aan huis; piloottrajecten rond leesbevordering op met partners uit onderwijs, welzijn en bibliotheek; en het kennisplatform van Iedereen Leest voor mensen die zich gratis, makkelijk en snel willen bijscholen. Omdat de conferentie niet alleen terugblikt maar ook graag vooruitblikt, deelt Van Tilburg ook de toekomstplannen van Iedereen Leest voor een opleiding tot expert leesbevordering. Die komt er in najaar 2020. Geïnteresseerden kunnen sarah.vantilburg [at] iedereenleest.be (zich aanmelden).


Deel dit artikel:

Contact
Coördinator vorming | Onderwijs en kinderopvang