Vlaamse vijftienjarigen scoren laag op leesvaardigheid en leesplezier

De leesvaardigheid van Vlaamse vijftienjarigen is sterk gedaald, stelt het nieuwe internationale PISA-onderzoek vast. Er is een merkbare kloof tussen hoog- en laag-presteerders. Bovendien noteert Vlaanderen de laagste score op leesplezier: de helft van de Vlaamse vijftienjarigen vindt lezen tijdverlies.

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

PISA (Programme for International Student Assessment) is een driejaarlijks internationaal onderzoek dat naast wiskundige en wetenschappelijke geletterdheid ook de leesvaardigheid test bij vijftienjarigen. In 2018 namen 79 landen of regio’s deel, waaronder Vlaanderen. Iets minder dan 5.000 Vlaamse leerlingen uit verschillende onderwijsvormen werden bevraagd.

Het PISA-onderzoek meet geen eindtermen, maar brengt prestaties van leerlingen in kaart en meet verder ook bijvoorbeeld of leerlingen een eerder positieve dan wel negatieve houding hebben tegenover lezen. Zo legt de studie de mogelijke samenhang tussen resultaten bloot.

Laagste score op leesvaardigheid in jaren

Om de leesvaardigheid bij leerlingen te testen stelde PISA enkele vragen met nadruk op het cognitieve proces: begrijpt de leerling een tekst, kan die erover reflecteren en opgedane kennis ook toepassen in dagelijkse situaties. De resultaten op vlak van leesvaardigheid schetsen geen positief beeld: 1 op 5 van de Vlaamse vijftienjarigen haalt het referentieniveau voor leesvaardigheid niet.

“1 op 5 van de Vlaamse vijftienjarigen haalt het referentieniveau voor leesvaardigheid niet.”
© Simon Bequoye | Iedereen Leest

Het aandeel leerlingen met een lage score – beneden het referentieniveau – is beduidend groter dan het resultaat van 2009, toen werd leesvaardigheid de laatste keer als hoofddomein getest. PISA 2018 toont dat er in Vlaanderen een grote spreiding is tussen leerlingen die hoog en laag presteren: er is dus een grotere kloof dan in andere landen. De sterkst presterende leerlingen behalen hetzelfde niveau als in 2000. De trend van dalende leesprestaties valt in alle Vlaamse onderwijsvormen – ASO, BSO en TSO – waar te nemen. De verschillen in scores lijken eerder te liggen bij de socio-economische status (SES) en de thuistaal van de leerling.

“De gemiddelde leesprestatie in Vlaanderen ligt echter wel nog hoger dan het OESO-gemiddelde. De Frans- en Duitstalige Gemeenschap en buurlanden Nederland, Frankrijk en Luxemburg noteren een slechter resultaat.”

De gemiddelde leesprestatie in Vlaanderen ligt echter wel nog hoger dan het OESO-gemiddelde. Tien landen presteren significant beter dan Vlaanderen: naast de vijf Aziatische landen BSJZ-China, Singapore, Macao-China, Hongkong-China en Korea, behalen ook Estland, Finland, Ierland, Polen en Canada een betere prestatie. De Frans- en Duitstalige Gemeenschap en buurlanden Nederland,
Frankrijk en Luxemburg noteren een slechter resultaat.

Amper plezier in lezen

Daarnaast kregen de ondervraagde leerlingen ook enkele stellingen voorgeschoteld die de interesse en het plezier in lezen meten. 60 procent zegt enkel te lezen om informatie te verkrijgen of als het moet. De helft ziet lezen als een tijdverlies, slechts 17 procent beschouwt lezen als een van hun favoriete hobby’s. Die negatieve houding tegenover lezen is in alle deelnemende landen het hoogst in Vlaanderen.

“De helft ziet lezen als een tijdverlies, slechts 17 procent beschouwt lezen als een van hun favoriete hobby’s.”

Zowel in Vlaanderen als internationaal staan jongens negatiever tegenover lezen dan meisjes. Beide noteren in Vlaanderen respectievelijk de laagste en op één na laagste score. Omdat leesplezier niet in de voorbije PISA-onderzoeken werd getest, kan geen stijging of daling in kaart gebracht worden.

Ook PIRLS-onderzoek luidt de alarmbel

Het internationale PIRLS-onderzoek van 2016 toonde al aan dat leerlingen uit het vierde leerjaar basisonderwijs ondermaats presteerden op vlak van leesvaardigheid. Ook daar werd een negatieve houding tegenover lezen genoteerd – 31 procent leest niet graag, 24 procent leest voor zijn of haar plezier. Intussen zoomde een vervolgonderzoek in of er een inhaalbeweging ontstond tussen het vierde en zesde leerjaar. 126 scholen uit het PIRLS-onderzoek van 2016 namen nu opnieuw deel.

Het vervolgonderzoek noteerde een hoger prestatieniveau bij leerlingen van het zesde leerjaar. Er lijkt dus enige leerwinst te zijn, maar deze is onvoldoende om te spreken van een inhaalbeweging. De resultaten van het zesde leerjaar tonen immers dat Vlaanderen nog steeds minder gevorderde leerlingen heeft dan landen die goed presteren.


Deel dit artikel:

Contact
Kennismedewerker onderzoek, impact en beleid