De leeswereld van Gert De Bie

'Lezen is denken met andermans hoofd', zei Schopenhauer. Maar wat zoeken we in dat andere hoofd? Is het rust, verstrooiing, kennis? Dit is Leeswereld, een interviewreeks over de rol van lezen, over schoonheid, over taal. Deze aflevering: Gert De Bie, boekhandelaar.

door Matthias M.R. Declercq
© Michiel Devijver | Iedereen Leest
“Een boek mag hard zijn, mag me door elkaar schudden, mag me dagenlang bezig houden. Hoe meer, hoe liever.”

'Mijn leeswereld bestaat voor vijfennegentig procent uit fictie', zegt Gert De Bie. 'Ik houd van verhalen die me toelaten uit de werkelijkheid te stappen. Als een boek je wegtrekt uit de bestaande wereld, een nieuwe setting inleidt, en er in slaagt je iets bij te brengen, hetzij pure kennis of het empathisch aanvoelen van je medemens, dan ben ik een tevreden man. Een boek mag hard zijn, mag me door elkaar schudden, mag me dagenlang bezig houden. Hoe meer, hoe liever.' Gert De Bie is een man met metier. Dat toont zijn boekenwinkel, Het Voorwoord, in het Antwerpse Heist-op-den-Berg. Het aanbod is rijk en doordacht, en hoewel een boekhandelaar onmogelijk alles kan lezen wat hij aanbiedt, weet je in Het Voorwoord dat Gert niks zomaar op tafel legt, dat hij niet gratuit meespringt op iedere trein die passeert. In een wereld van opgedrongen clicks en algoritmes is Gert als een douanier die alles eerst even in ogenschouw neemt, vooraleer hij de bareel optrekt.

'Natuurlijk bied ik mijn eigen lievelingsboeken en -auteurs ook aan', zegt hij. 'Uiteindelijk is wat je hier vindt mede gebaseerd op mijn leeswereld. Michel Houellebecq bijvoorbeeld, daarvan moet je een nieuw boek niet eerst lezen, maar meteen aanbieden. Wat ook geldt voor David Mitchell. Houellebecq is voor mij een voorbeeld van echte literatuur, met name De kaart en het gebied. Hij vertrekt vanuit een bepaald idee en puurt daar een verhaal uit dat vragen opwerpt, dat de maatschappelijke tendensen op scherp zet en je aan het denken zet. Maar evengoed lees je Houellebecq niet als een ideeënroman, en geniet je van de taal en het verhaal. Het is best ironisch, de keuze voor Houellebecq, want met dingen waar ik in het dagelijks leven absoluut niet van houd, zoals cynisme, kan ik al lezend perfect overweg. Misschien is ook dat de kracht van literatuur, om zo’n stuk van je leven, van je persoonlijkheid, te herkennen in fictie, om het in de werkelijkheid te kunnen negeren.'

IJkpunten

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

'Ik heb nooit niét gelezen. Op tientallen foto’s van familiefeesten zie je me in een hoekje zitten, met een boek. In de vakantie ging ik ’s ochtends met mijn vader naar de bibliotheek, kwam terug met vijf boeken, had die tegen ‘s avonds uitgelezen en zei: 'Papa, gaan we snel nog even naar de bib?' Ik ben een gretig iemand. Noem het gulzig, noem het energiek, noem het hoe je wil. Altijd snak ik naar iets nieuws, naar een nieuw verhaal, naar een nieuwe plaat, naar dingen die mij kunnen verrijken. Ik ben de enige van de familie die zo doorgedreven leest. Misschien is dat geboren uit rebellie, de wil om een eigen pad te bewandelen. Dan is literatuur ideaal natuurlijk: het is een oneindig groeiende wereld waaruit je oneindig kunt plukken.
Mijn ouders gaven me Het verdriet van Belgie (Hugo Claus) en De wereld van Sofie (Jostein Gaarder) voor mijn zestiende verjaardag. Het zijn nog altijd twee ijkpunten in mijn leeswereld en gelden als de twee boeken waarmee mijn collectie is gestart. Sindsdien heb ik een grote liefde voor het fysieke product dat een boek ook is. Sinds de dag dat ik leerde lezen, ben ik eigenlijk niet meer gestopt.'

Montaigne

“Je moet als lezer geen schrik hebben om iets niet te begrijpen. Als iemand iets niet begrijpt, dan is dat de schuld van de schrijver.”

'Je mag je leeservaring zelf sturen, vind ik. Uiteindelijk haal je uit een boek wat je op dat ogenblik nodig hebt. Als je Symposium leest van Plato, en van de pakweg honderd ideeën die hij opwerpt, heb je er maar zes van opgepikt, dan is dat ook goed. Je moet als lezer geen schrik hebben om iets niet te begrijpen. Als iemand iets niet begrijpt, dan is dat de schuld van de schrijver. 
Ooit kocht ik De essays van Michel De Montaigne, als student. Ik liet de bundel jarenlang in de kast staan, tot mijn ouders hun huwelijksverjaardag vierden in een gîte in de Dordogne, en de kinderen meegingen. Ik zocht op voorhand naar mogelijke uitstappen in de buurt en ontdekte dat Saint-Michel-de-Montaigne daar op een vijftiental kilometer vandaan lag, dus ook het kasteel en de bibliotheek van de bekende filosoof. Voor vertrek heb ik De essays opengeslagen en toen ik de site bezocht met een gids, ben ik achtergebleven in de bibliotheek, en las er op mijn eentje verder. Dat was fantastisch. Sindsdien is de band met Montaigne zeer innig. En dat voor een echte fictielezer! Montaigne is de luidop denkende, twijfelende filosoof. Het lezen van De essays is als een conversatie met de schrijver waarin je mag afgeleid worden, en later weer kan inpikken. En als je eens iets niet begrijpt, kun je het later herlezen, en er alsnog betekenis uithalen. Dat laat het werk van Montaigne toe.'

Bliepende robots

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

'Tot vijf jaar geleden las ik geen sciencefiction. Ik ging er van uit dat het in zo’n boeken alleen om escapisme draaide, maar dat is een misvatting. De maan in opstand van Robert Heinlein is het eerste scifi-boek dat ik las. De auteur had even tijd nodig om de setting op te bouwen, maar na vijftig pagina’s las ik dat boek als een soort handleiding voor een revolutie. Een openbaring was dat, de vaart, de strijd, de filosofie, de ideeën, echt fantastisch.

Ook de kortverhalen van Ted Chiang zijn dat. Die verhalen zijn overigens ook toegankelijk voor een breed publiek. Uiteindelijk draait goede scifi om verrassende ideeën, niet om bliepende robots. Een van de verhalen van Chiang gaat over een toestelletje dat op de markt komt. Het is niet meer dan een drukknop, die je zelfs in je broekzak kunt steken. Telkens je op het knopje wil duwen gaat er vooraf een lichtje branden. Al steek je het knopje jarenlang in de kast, net voor je drukt, brandt er een lichtje. Zo'n simpel uitgangspunt, maar het ondergraaft wel het idee van de vrije wil. Ook Behold the Man van Michael Moorcock is een prachtig boek, over iemand die via een teletijdmachine op zoek gaat naar Jezus. Dat is het, die prikkel, die aantrekking, en voor je het weet beland je in een wereld waar je niet meer uit verdwijnen wil.'



Deel dit artikel: